1. Tips bij naderende examens
- in goede conditie zijn
- de praktische examenregeling en omstandigheden kennen
- type examen kennen
- je niet laten beïnvloeden door medestudenten
- geen contact nemen met studenten die vlak voor jou examen aflegden
2. Schriftelijk examen
- Lees alle vragen.
- Oriënteer je en maak een planning voor het oplossen van de vragen (maak korte aantekeningen als je iets te binnenschiet)
- Lees grondig de vragen, denk na, begin met de gemakkelijkste vraag en werk van gemakkelijk naar moeilijk.
- Beantwoord de vragen zo juist en volledig mogelijk (brainstorming per vraag).
- Maak een onderscheid tussen drie soorten vragen; de korte vragen met korte antwoorden, de uitgebreide vragen met korte antwoorden en de korte vragen met een
uitgebreid antwoord. - Bouw een antwoord op: op basis van het werkmateriaal dat je hebt, laat zien wat je kunt, vermijd overbodige onderdelen, antwoord overzichtelijk en ordelijk, schrijf duidelijk, herlees en controleer of er alles instaat, let op spel - en stijlfouten.
- Als je een vraag niet weet, ga verder met een andere vraag. Besef dat je niet alles kunt weten. Probeer later nog eens of uit je vermoedens of flarden kennis.
3. Mondeling examen
- Bereid je voor op de inhoud van het examen. Hoe zal het examen verlopen (veel vragen of een gesprek, details/feiten, overzicht/inzicht,..).
- Train je in het onder woorden brengen van wat je weet (spreek over de stof, laat je vragen stellen).
- Laat zien wat je weet (je wordt beoordeelt op wat je allemaal vertelt).
- Denk hardop (bespreek een argumentatie volledig).
- Luister naar de vraag en let op de reacties van de docent tijdens je examen.
- Weet genoeg (realiseer je dat je niet alles hoeft te weten, maar dat je 'genoeg' moet weten).
- Als je iets niet weet, herhaal je de vraag, maak je een schema van wat je wel weet, vertel je wat niet het goede antwoord is, zo doorbreek je een pijnlijk zoeken. Het juiste antwoord kan je zo te binnen schieten. Verzoek eventueel om een nieuwe vraag.
4. Examenblokkades (blackouts)
Op examens kan je vragen tegenkomen die je niet weet. Blokkades en blackouts worden vaak veroorzaakt door de manier waarop je met vragen omgaat waar je het antwoord niet meteen op weet.
FOUT: "ik MOET meteen het antwoord weten" omdat " ik MOET alles weten"
Je kan niet meteen alles weten. Examenvragen moet je analyseren en een antwoord componeren
FOUT: "Zie je wel, ik kan het niet " of " Ik weet het nu niet en dus nooit niet" of "Als ik het niet weet, dan zak ik".
Dit is ontmoedigend en een zeer negatieve houding. Het helpt niets. Blijf dus bij de examenvraag, analyseer ze en hou je gepieker over jezelf voor na het examen. Vind je geen antwoord, start eventueel eerst met een andere vraag op te lossen.
GOED: "Ik weet het antwoord NOG niet ": het heeft geen zin om je druk te maken, analyseer de vraag goed en neem je tijd, noteer in klad wat er in je opkomt en verwerk dit in een antwoord.

